De Prinzhorn Collectie: Fragmenten van gehavende geesten

Gelegen in een universitaire psychiatrische kliniek in het Duitse Heidelberg, vind je de Prinzhorn Collectie, de oudste Outsider Art Collectie van Europa. Een omvangrijke verzameling van tekeningen, beelden en schilderijen die een kleine inkijk geven in de onvatbare belevingswereld van geesteszieken.

De collectie is vernoemd naar kunsthistoricus Hans Prinzhorn (1886-1933) die tijdens de Eerste Wereldoorlog tot medisch wetenschapper wordt omgeschoold. Na de oorlog weet de kunstminnende psychiater zijn beide specialismen te combineren wanneer hij de opdracht krijgt om het kunstprogramma uit te breiden voor de patiënten van de psychiatrische kliniek van de Universiteit van Heidelberg. Onder zijn passievolle leiding groeit de collectie tussen 1919 en 1921 uit tot ruim 5000 werken van meer dan 450 patiënten.

In 1922 publiceert Prinzhorn het boek Bildnerei der Geisteskranken waarin de kunstwerken en hun relatie tot de psychose of problemen van de scheppers worden beschreven en geanalyseerd. Het werk van de patiënten wordt (nog) geen kunst genoemd, maar Prinzhorn zegt wel dat het veel op kunst lijkt en breekt daarmee met de gewoonte om de creaties van patiënten slechts als diagnosemateriaal te zien. De afbeeldingen in zijn handboek kiest Prinzhorn zorgvuldig. Hij let op de tijdloze kwaliteit van werken en op de onbewuste en ongeremde vormentaal van de maker. Volgens critici speurt Prinzhorn naar een tweede wereld, een nieuwe verbeeldingswereld die enkel toegankelijk is voor mensen met een gehavende geest. De publicatie is een regelrechte hit in de kunstwereld en geldt nog steeds als inspiratiebron voor vele kunstenaars.

Wanneer de nazi’s in aanloop naar de Tweede Wereldoorlog aan de macht komen, loopt ook de collectie van de psychiatrische instelling gevaar. De Duitsers zetten zogeheten ‘reinigingsprogramma’s’ op die de Arische idealen moeten bevorderen. In de rondreizende expositie Mannheimer Schreckenskammer wordt werk van Prinzhorn’s patiënten naast dat van andere moderne kunstenaars getoond. Het is de voorganger van de ‘Entartete Kunst’-tentoonstelling die later het land doorreist. Alles – en dus ook kunst – dat als “niet-Duits” wordt gezien wacht het oordeel van vernietiging. In het medisch verslag van de psychiatrische kunstenaars zijn soms de woorden ‘verplaatst naar onbekend asiel’ terug te vinden. Het betekent zoveel als ‘weggebracht naar een vernietigingskamp’. Tijdens de oorlog wordt een groot deel van de collectie verborgen binnen de universiteit en ontsnapt zo aan de vuurdans van de nazi censuur.

Kenmerkend voor de werken in de Prinzhorn Collectie is de dwangmatigheid, de intensiteit en de moeilijk te ontwarren fantasiewereld voortkomend uit ontembare driften, nachtmerries en visioenen. De nieuwe kunstvorm spreekt veel prominente mensen aan, waaronder de schrijver André Breton en de kunstenaars Salvador Dali en Max Ernst. In 1950 brengt ‘de ontdekker van Art Brut’, Jean Dubuffet (1901-1985) een bezoek aan Heidelberg. In een brief aan de zoon van Henri Matisse schrijft hij: “Ik heb in alle rust en onder de beste omstandigheden de schitterende collectie van dokter Prinzhorn, die ik al jaren heel graag wilde zien, kunnen bezichtigen”. Na Prinzhorn is Dubuffet de eerste die op grote schaal Outsider Art gaat verzamelen, met één belangrijk verschil; Dubuffet kijkt enkel nog naar de artistieke kwaliteiten van de kunstenaars.

Het Outsider Art Museum in Amsterdam presenteerde in de zomer van 2017 de tentoonstelling ‘De lijst van Dubuffet’ met een grote selectie meesterwerken uit de Prinzhorn Collectie. De Prinzhorn Collectie is te bezoeken in Heidelberg, Duitsland.

Auteur: Nina Bergh